statuten

De akte waarbij de huidige statuten zijn vastgesteld is verleden op 10 september 2012 te Borsele.

NAAM

Artikel 1

De vereniging draagt de naam: ROEIVERENIGING DE KROM.

ZETEL

Artikel 2

Zij heeft haar zetel te Woerden.

DOEL.

Artikel 3

De vereniging heeft ten doel het beoefenen en bevorderen van de roeisport.
De vereniging tracht dit doel ondermeer te bereiken door:
a. de training van alle leden te verzorgen;
b. evenementen op het gebied van de roeisport te organiseren;
c. indien mogelijk de nodige accommodatie aan te brengen en in stand te houden,
en alles wat met het vorenstaande verband houdt en daartoe bevorderlijk kan zijn.

LEDEN EN ERELEDEN

Artikel 4

1. Leden van de vereniging kunnen zijn:
a. jeugdleden, zijnde personen tot een leeftijd van vijftien jaar.
b. junioren, zijnde personen vanaf de leeftijd van vijftien jaar tot een leeftijd van achttien jaar.
c. senioren, zijnde personen met een leeftijd van achttien jaar en ouder.
Als peildatum geldt één januari.
d. Ereleden, zijnde leden die door de algemene vergadering als zodanig zijn benoemd op grond van bijzondere verdiensten voor de vereniging.2. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.3. Bij huishoudelijk reglement kunnen voorwaarden worden gesteld voor toetreding tot het lidmaatschap van de vereniging.

DOPING REGLEMENT

Artikel 5

Ieder lid van de vereniging is gebonden
1. het Nationaal Dopingreglement Nederlandse Sport (Dopingreglement) en het Tuchtreglement van de Koninklijke Nederlandsche Roeibond (KNRB), zoals die thans luiden of te eniger tijd in gewijzigde vorm luiden, en daaruit voortvloeiende verplichtingen na te leven en om – indien vereist – aan de uitvoering van die bepalingen zijn/haar medewerking te verlenen;
2. Uit dien hoofde is een lid verplicht
a. in geval van (verdenking van een) overtreding van het Dopingreglement en/of het Tuchtreglement van de KNRB te allen tijde en zonder enig voorbehoud volledig de toepasselijkheid op hem/haar te aanvaarden van het Dopingreglement en/of de Tuchtrechtspraak van de KNRB, zoals neergelegd in of vanwege de statuten van de KNRB;
b. de sancties, die op grond van dit Dopingreglement en / of Tuchtreglement aan hem/haar worden opgelegd, bij onherroepelijk worden van deze sancties, te aanvaarden, en
c. te aanvaarden dat deze sancties een grond kunnen zijn voor ontzetting uit het lidmaatschap van de vereniging.

ASPIRANTLEDEN – BEGUNSTIGERS – HONORAIR BEGUNSTIGERS

Artikel 6.

1. Aspirant-leden zijn zij die aan de activiteiten van de vereniging deelnemen, doch nog niet tot het·lidmaatschap van de vereniging zijn toegelaten.
2. Begunstigers zijnde niet-leden zijn zij die zich bereid hebben verklaard de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimumbijdrage.
3. Honorair begunstigers zijnde niet-leden zijn zij die gedurende lange tijd de vereniging in natura of financieel hebben gesteund en door de algemene vergadering als zodanig zijn benoemd op grond van bijzondere en substantiële bijdragen.
4. Aspirant-leden, begunstigers en honorair begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

TOELATING

Artikel 7

1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden, aspirantleden en begunstigers.2. Bij niet-toelating tot lid kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP

Artikel 8

1. Het lidmaatschap eindigt door:

a. het overlijden van het lid;
b. opzegging van het lid;
c. opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld tevoldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens devereniging niet nakomt,alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
d. ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.

2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Echter kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd indien het Dopingreglement wordt overtreden of indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.

5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.

6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.

7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen één maand na de ontvangst van de kennisgeving·van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennisgesteld.
Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.

8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN ASPIRANTLEDEN, BEGUNSTIGERS EN HONORAIR BEGUNSTIGERS

Artikel 9

1. De rechten en verplichtingen van een aspirant-lid en van een begunstiger en van een honorair begunstiger kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage van een begunstiger over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

JAARLIJKSE BIJDRAGEN

Artikel 10

1. De leden, de aspirantleden en de begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de algemene vergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende bijdrage betalen.

2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

RECHTEN VAN ASPIRANTLEDEN, BEGUNSTIGERS EN HONORAIR BEGUNSTIGERS.

Artikel 11

Behalve de overige rechten die aan aspirantleden, begunstigers en honorair begunstigers bij of krachtens deze statuten worden toegekend, hebben zij het recht de door de vereniging georganiseerde activiteiten bij te wonen.

BESTUUR

Artikel 12

1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie personen.

De benoeming geschiedt uit de leden, behoudens het bepaalde in lid 2.

2. De algemene vergadering kan besluiten dat één lid van het bestuur buiten de leden wordt benoemd.

3. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit één of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 4. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tien leden.De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door één of meer leden moet vóór aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.

4. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering, genomen in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden vertegenwoordigd is.

5. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande lid de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in de keus.

6. Indien er meer dan één bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP – PERIODIEK LIDMAATSCHAP SCHORSING

Artikel 13

1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar, wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats in van zijn voorganger.

3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:

a. ten aanzien van een bestuurslid dat uit de leden benoemd is: door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;

b. door bedanken.

BESTUURSFUNCTIES – BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR.

Artikel 14

1. Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter een secretaris en een penningmeester aan. Het kan voor elk hunner uit zijn midden een vervanger aanwijzen. Een bestuurslid kan meer dan één functie bekleden.

2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend. In afwijking van hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit niet beslissend.

3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

BESTUURSTAAK – VERTEGENWOORDIGING.

Artikel 15

1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.

2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de openplaats of de open plaatsen aan de orde komt.

3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies die door het bestuur worden benoemd.

4. Het bestuur is mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde verbindt.

Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.

5. Het bestuur behoeft eveneens de goedkeuring van de algemene vergadering voor het besluiten tot:

I. onverminderd het bepaalde onder II het aan gaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde, jaarlijks door de algemene vergadering vast te stellen, te boven gaande;

II.
a. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;
b. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
c. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
d. het aangaan van dadingen;
e. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden;
f. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.

Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.

6. Onverminderd het in de laatste volzin van lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter en de secretaris.

JAARVERSLAG – REKENING EN VERANTWOORDING

Artikel 16

1. Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met éénendertig december. Het eerste verenigingsjaar loopt tot en met één en dertig december negentienhonderd twee en negentig;

2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.

3. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur. Na afloop van de termijn kan ieder lid deze rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.

4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.

5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan.Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.

6. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie.

7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaren lang te bewaren.

ALGEMENE VERGADERINGEN

Artikel 17

1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.

2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering – de jaarvergadering – gehouden. In de jaarvergaderingkomen ondermeer aan de orde:
a. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 16 met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;
b. de benoeming van de in artikel 16 lid 4 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
c. voorziening in eventuele vacatures;
d. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.

4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uit brengen van één/tiende gedeelte der stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 21.

TOEGANG EN STEMRECHT

Artikel 18

1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden en ereleden van de vereniging, het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is, alle aspirantleden, alle begunstigers en honorair begunstigers. Geen toegang hebben geschorste leden -en geschorste bestuursleden.

2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoeldepersonen beslist de algemene vergadering.

3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem. Het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is heeft een raadgevende stem.
Aspirantleden, begunstigers en honorair begunstigers hebben geen stemrecht; jeugdleden hebben een beperkt stemrecht: zij hebben uitsluitend stemrecht met betrekking tot jeugdzaken, welke zogenaamde jeugdzaken zo nodig ter verduidelijking nader omschreven zullen worden in het na te noemen door de algemene vergadering vast te stellen huishoudelijk reglement.

4. Een lid kan zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid uitbrengen.

Ieder lid kan slechts voor één ander lid als gemachtigde optreden.

VOORZITTERSCHAP – NOTULEN

Artikel 19

1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt één der andere bestuursleden door het bestuur aan te wijzen als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.2. Van het verhandelde in elke vergadering wordt door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken.3. De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal -wordt ter kennis van de leden gebracht.

BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING

Artikel 20

1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.

2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

3. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of ingeval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten, plaats. Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.

6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.

7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.

8. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen – dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding – ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING.

Artikel 21

1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk, of aan de adressen van de leden volgens het ledenregister bedoeld in artikel 4, of per convocatie in het verenigingsblad of bij advertentie in tenminste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veel gelezen dag- of weekblad. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste zeven dagen.2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in artikel 22.

STATUTENWIJZIGING

Artikel 22

1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.

2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan alle leden toegezonden.

3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.

4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.

ONTBINDING

Artikel 23

1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.

2. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen, die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren, ieder hunner ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven. Met dien verstande dat het batig saldo, voorzover verworven door subsidie van de Gemeente Woerden, wordt teruggestort in de kas van de Gemeente Woerden.

3. Wijziging van de slotzin van lid 2 van dit artikel alsmede het onderhavige lid behoeft goedkeuring van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Woerden, indien deze wijziging plaatsvindt binnen vijf jaar na de beëindiging van de subsidiëring.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 24

De algemene vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen.

Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.